Een bewijs voor het bestaan van God

Een bewijs voor het bestaan van God

De fanatieke haat die we telkens zien oplaaien tegen het Joodse volk geeft te denken. Waarom heeft men het Palestijnse volk niet uitgekozen om dat te bestrijden na de aanslagen door Hamas van 7 oktober 2023? Toen zijn bij martelingen, verkrachtingen en gruwelijke slachtpartijen een paar duizend Joden omgebracht, maar dat is kennelijk al gauw vergeten. Of het wordt zelfs verdedigd door mensen die gekozen hebben voor de terroristische beweging die de naam Hamas draagt. Ook een aanslag als in Sydney in Australië schudt niet wakker. Men staat liever achter de aanslagplegers en sluit als vroeger in nazi-Duitsland de rijen om het Joodse volk uit te roeien. Het is niet moeilijk om tientallen voorbeelden van groeiend antisemitisme te noemen, ook uit andere landen. De haat tegen Joden breidt zich breder uit dan Hitler voor elkaar kon krijgen. Niet alleen wordt met rode verf en andere rode rommel gesmeten als men ergens iets van Israël ziet, maar zelfs de universiteiten laten zich door actiegroepen molesteren en geven hun vrijheid prijs uit angst voor de pro-Hamasgroepen. Iedereen moet zich toch wel afvragen welke demonische krachten hier werkzaam zijn. Waar komt dit antisemitisme toch vandaan en door wie wordt dit vuur gestookt? De helse haat van Hamas is een vuur dat door de satan gestookt wordt, niet alleen in Israël. Het gaat als een brandende olievlek over de wereld en niemand lijkt in staat hier enig bluswerk te verrichten.

Iedereen die niet geïnfecteerd is door deze dodelijke haatkwaal moet zich toch wel afvragen wat de oorzaak ervan is. Al hebben de Joodse soldaten in hun strijd om het leven van hun volk, in tegenstelling tot Hamas-terroristen, hun vijanden zo menselijk mogelijk proberen te behandelen, gewaarschuwd waar acties plaats moesten vinden, Palestijnen in hun ziekenhuizen opgenomen, enzovoort, het kon alles niet baten om een ander klimaat te scheppen. Er zit iets onmenselijks in de haat tegen het Joodse volk, omdat het kennelijk door een hogere macht geholpen wordt.

Voor wie de Bijbel leest, is dit geen geheim. Het Joodse volk is uniek en wordt door God bewaard. Het is het volk van de Bijbel. Na een diaspora van bijna 2.000 jaar is het niet geassimileerd in deze wereld, maar wordt het daarentegen bijeengehouden. Na de 70-jarige ballingschap keerde het onder Ezra en Nehemia terug naar het Beloofde Land. Het is opnieuw verdreven en verstrooid, maar ondanks pogroms, de Tweede Wereldoorlog met de shoah, is het in 1948 weer teruggekeerd. Vijandige Arabische volken en terroristische aanslagen hebben het ook de laatste decennia niet kunnen vernietigen. Het was de verborgen Goddelijke hand, voor de vijanden onverdraaglijk. Omdat ze tegen God zo niet kunnen strijden, richten ze zich op het volk dat Zijn hulp krijgt. Het is haat tegen het Goddelijk welbehagen, dat in Psalm 147:10 wordt bezongen, wat het antisemitisme voedt.

Wij moeten er oog voor hebben dat Gods beloften, die in het Woord staan, nog op vervulling wachten. Wie Gods welbehagen liefheeft, is verwonderd en koestert een verwachting zoals Simeon in zijn lofzang. De Messias zal niet alleen het heidendom verlichten, maar in het laatst ook Israël verhogen (Luk. 2:320. Paulus profeteerde dat de zaligheid aanstonds ook het deel van Israël zal zijn (Rom. 11:26). Onze kanttekenaren (kantt. 124-126) spreken de verwachting uit, dat, ‘als de volheid der heidenen zal ingegaan zijn’ dit geldt voor ‘niet enige weinigen, maar een zeer grote menigte, en gelijk als de ganse Joodse natie. Namelijk door de predicatie des Evangelies krachtiglijk beroepen, en door het geloof gerechtvaardigd zijnde’. Er is verwachting dat in vervulling zal gaan, wat Paulus schreef, als het deksel van Joodse harten zal worden afgenomen (2 Kor. 3:14).

Zie Gods bijzondere zorg over het Joodse volk. Van Frederik de Grote van Pruisen, een aanhanger van de verlichting, wordt verhaald, dat hij aan een theoloog vroeg om Gods bestaan te bewijzen. Met het oog op zaken zoals deze hierboven verhaald zijn, zei deze: ‘De Joden, Sire!’

CJM