De bron van Siloam

De bron van Siloam

Werd weleer in Hizkia’s tijd
de stad Jeruzalem verblijd
door ’t beekje van de Godsrivier,
dat als een vredesteken hier
gegeven was van hogerhand
om bij een aanval op het land
de helse haat sterk te weerstaan
door tot de heilfontein te gaan,
nog preekt de bron van Siloam
hoe God tot de verdrukten kwam!

Heeft Achaz niet die bron veracht
en daardoor Gods bevel ontkracht
door bij een aanval op zijn land
zijn steun te zoeken door zijn hand
te leggen op een rieten staf
die hem geen steun, maar schaamte gaf?
Zo’n staf doorboort de hand die daar
zijn kracht in zoekt bij groot gevaar.
Zo wordt geen vijand omgebracht,
maar komt men om in eigen kracht.

Toch sprak God van Immanuël
en gaf Hij hoop voor Israël.
Hij wacht niet tot men naar Hem vraagt,
maar geeft, omdat dit Hem behaagt,
Zijn lieve Zoon in grote nood.
Al kiest de dwaze mens de dood,
toch biedt God hem verlossing aan,
als wateren die zachtjes gaan.
Heeft vader Achaz dit veracht,
’t gaf Hizkia, diens zoon, Zijn kracht.

Nog was er, toen ik er eens kwam,
die waterwel in ‘Siloam’;
zo heet dit water uit de rots,
als teken van de vrede Gods.
Maar wie kent de betekenis,
die hier door God gegeven is
aan deze bron, wie denkt hier aan
Immanuël, aan ’t zachtjes gaan
van ’t water uit Gods heilsfontein?
Het mag nu nog Gods boodschap zijn.

Toelichting
De bron van Siloam dateert uit de tijd van Hizkia. De naam heeft relatie met het woord sjalom, dat vrede betekent. Het water werd door Hizkia’s knechten door ondergrondse kanalen tot binnen de stad Jeruzalem geleid en dit betekende een heerlijke uitkomst bij een belegering, als de vijand de stad droog wilde leggen. Het was een teken van Gods genadige redding in tijd van verdrukking, dus een heilsfontein. We lezen in Jesaja hoe Hizkia’s vader Achaz het Immanuëlsteken, dus Gods genadige redding, verachtte toen het volk door Israël en Syrië aangevallen werd (Jesaja 7). Het was, aldus Jesaja, ook een verachting voor ‘de wateren van Siloa, die zachtjes gaan’ (8:6). Achaz verachtte Gods hulp en zocht hulp bij de Assyriërs, wat  hem duur te staan zou komen. Zo’n steunen is als het steunen op een rietstaf, die bij het steunen erop de hand doorboort. De komst van de beloofde Immanuël werd evenwel niet ongedaan gemaakt, want God geeft uit welbehagen Zijn lieve Zoon en biedt aan mensen die de dood verkiezen boven het leven de verlossing aan. Je zou willen dat iedereen die nu de bron bezoekt deze geschiedenis zou kennen en van de genadige redding voor een onwaardige zondaar zou horen.